Geen Cuyp, wel Calraet

Cuyp-Calraet

Persbericht, Den Haag 7 oktober 2015

Geen Cuyp, wel Calraet

Hoe perziken een mysterie oplosten. De vraag aan wie een kunstwerk kan worden toegeschreven, is misschien wel de belangrijkste binnen de kunstgeschiedenis. De naam van de kunstenaar bepaalt in grote mate het prestige en de waarde van het betreffende kunstwerk. Zo niet voor Abraham Bredius, stichter en schenker van het Museum Bredius, die nauwkeurig wetenschappelijk kunsthistorisch onderzoek boven alles stelde. Niet de faam van een bestaande schilder was zijn drijfveer, maar het willen ontdekken hoe het echt zat. Daarmee was hij de herontdekker van verloren gegane schatten en vergeten schilders. Een goed voorbeeld van een dergelijke meester uit de Gouden Eeuw is Abraham van Calraet (1642-1722), van wie Museum Bredius van 26 oktober 2015 t/m 21 januari 2016 ruim 20 werken toont.

De initialen AC waarmee Abraham van Calraet meestal signeerde werden lange tijd aangezien voor die van de veel grotere en beroemdere Albert Cuyp. Beiden werkten deels gelijktijdig in Dordrecht en hun stillevens toonden gelijkenis. Het was de verdienste van Abraham Bredius die als echte archiefvorser een groep stillevens met perziken niet langer toeschreef aan Aelbert Cuyp, maar aan de onbekende Abraham van Calraet. Daarmee stuitte hij tegen de borst van de kunsthistoricus Cornelis Hofstede de Groot die bij hoog en bij laag volhield dat Bredius het bij het verkeerde eind had. Waren de perziken nou van Cuyp zoals de traditionele toeschrijving wilde, of van Calraet? Er ontstond een ware polemiek en de beschuldigingen over en weer stapelden zich op, die vaak niet eens meer te maken hadden met Van Calraet of Cuyp.

De ontdekking in 1916 in de kunsthandel van een schilderij van Abraham van Calraet maakte een einde aan de strijd tussen beide heren. Het werk was voluit gesigneerd en paste goed bij de stillevens die onderwerp van discussie waren geweest. Bredius triomfeerde. Hij kocht het schilderij en legateerde het later aan het Mauritshuis. Het schilderij is nu samen met 20 andere werken van Van Calraet te zien op deze tentoonstelling, met bruiklenen van het Dordrechts Museum, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, het Mauritshuis, Museum Boijmans van Beuningen, het Kröller-Müller Museum en enkele particuliere bruikleengevers.

 

Door hier te klikken kunt u de uitgave rond de tentoonstelling “Geen Cuyp, maar Calraet” downloaden.

Kennerschap: Bredius, Jan Steen en het Mauritshuis

27 juni t/m 8 januari 2015 – Kennerschap: Bredius, Jan Steen en het Mauritshuis

Schermafbeelding 2014-06-30 om 20.56.23

Ter gelegenheid van de feestelijke heropening van het Mauritshuis organiseert Museum Bredius.

De Tentoonstelling: Kennerschap: Bredius, Jan Steen en het Mauritshuis

  • Download de Nederlandse catalogus hier.
  • Download the English catalogue here.

 

Vanaf 27 juni tot en met 8 januari 2015 is in Museum Bredius een tentoonstelling te zien van schilderijen van Jan Steen.
De kern hiervan wordt gevormd door de 9 werken die Abraham Bredius (1855-1946), directeur van het Mauritshuis tussen 1889 en 1909, heeft verzameld en is aangevuld met 11 schilderijen uit openbaar en particulier bezit.

In de keuze van die schilderijen lag de nadruk op het vroege werk van Steen, een facet van zijn kunst dat in de grote Steen-tentoonstelling van 1996 (Jan Steen: schilder en verteller, Rijksmuseum Amsterdam) weinig
aandacht kreeg. Het moet duidelijk maken waar de oorsprong van zijn kunstenaarschap ligt en hoe hij zich in slechts enkele jaren van landschap- tot figuurschilder ontwikkelde. Daarvoor zijn 6 landschappen en 1 stadsgezicht geselecteerd.

Om Steens ontwikkeling tot figuur- en genreschilder te tonen is voor het eerst sinds 1926 een sleutelstuk uit zijn oeuvre te zien: de Fabel van de sater en de boer uit het bezit van de oprichter van de Koninklijke Philips NV, Dr. Anton Philips. Het werk was zijn favoriete kunstwerk en hij heeft het slechts één keer voor een expositie willen afstaan. In het Museum Bredius wordt dit doek weer in volle glorie getoond nadat het eerder dit jaar een volledige restauratie heeft ondergaan, speciaal voor de tentoonstelling.

Een aantal van de geselecteerde schilderijen zijn nog nooit geëxposeerd. Museum Bredius heeft de primeur voor een tentoonstelling van een van de belangrijkste ontdekkingen van de afgelopen jaren, Steens op Elsheimer gebaseerde Bespotting van Ceres. Het is een van de weinige nachtstukken die we van Steen kennen en het verhaal is ontleend aan de Metamorfosen van Ovidius, de ‘schildersbijbel’ in de woorden van Carel van Mander.

Aan de tentoonstelling wordt medewerking verleend door het Koninklijk Kabinet van Schilderijen het Mauritshuis, Haags Historisch Museum, Stedelijk Museum De Lakenhal in Leiden en de Fondation Custodia (Collectie Frits Lugt) in Parijs, Koninklijke Philips Nederland en diverse particulieren.

In de catalogus wordt uitgebreid de relatie tussen Abraham Bredius en Jan Steen besproken. Bredius vond Steen, na Rembrandt, de beste Hollandse schilder ooit. Bredius schreef ook een monografie over de kunstenaar, die in 1927 werd gepubliceerd. Dit boek geldt nog steeds als een onmisbaar naslagwerk. Het eerste exemplaar van deze zware – en kostbare – foliant werd voor Bredius speciaal gebonden in een perkamenten band naar ontwerp van C.A. Lion Cachet (1864-1945) en zal eveneens te zien zijn.

De catalogus is geschreven door Guido M.C. Jansen, voormalig conservator 17de-eeuwse schilderkunst van het Rijksmuseum en daar in 1996 projectleider van de tentoonstelling en redacteur van de catalogus Jan Steen: schilder en verteller. De catalogus wordt voorafgegaan door een biografie van Abraham Bredius door Josefine Leistra. En een kunsthistorische beschrijving van Lange Vijverberg 14 door C.J.J. Stal, het pand waar sinds 1990 de collectie Bredius zich bevindt.

 

Gratis entree met:

  • Ticket van het Mauritshuis
  • Museumkaart
  • Rembrandtpas
  • Jeugd < 18 jaar
  • ICOM-card

 

Normaal entree:

  • Volwassenen: € 6,-
  • Groepen (vanaf 10 personen): € 4,50

Huygens rond de Hofvijver

Museum Bredius en Haags Historisch Museum

25 april t/m 8 september 2013

Huygens rond de Hofvijver is een gezamenlijke presentatie van het Haags Historisch Museum en Museum Bredius . Constantijn Huygens’ (1596-1687) band met Den Haag staat centraal in een presentatie in het Haags Historisch Museum. Via de volgende link kunt u de catalogus over Huygens kunstkenner en verzamelaar downloaden. In een speciaal Huygens-spoor door de vaste opstelling wordt aandacht besteed aan Huygens’ liefde voor zijn geboortestad, zijn betrokkenheid bij verschillende Haagse bouwprojecten en zijn contacten met de Oranjes. In Museum Bredius is een tentoonstelling te zien over Constantijn Huygens als kunstkenner en verzamelaar. Leer hier de persoonlijke smaak van Huygens kennen aan de hand van schilderijen van zeventiende-eeuwse meesters als Rembrandt, Jan Lievens, van Goyen en Honthorst. Ook is er aandacht voor Huygens’ rol als kunstbemiddelaar aan het hof en zijn vele contacten met schilders en architecten. Op de tentoonstelling zijn meer dan dertig schilderijen te zien, waaronder twee werken die ooit deel uitmaakten van Huygens’ eigen verzameling.
Voor Huygens rond de Hofvijver is een speciaal combiticket verkrijgbaar (€ 10, inclusief entrees, een rijk geïllustreerde catalogus en een handzame wandelroute door het centrum van Den Haag langs betekenisvolle plekken uit het leven van Constantijn Huygens. De wandeling kan ook los worden aangeschaft in de museumwinkel (€ 1,50).

TALL AND SMALL

2011: Tentoonstelling miniatuurzilver in Museum Bredius

In Museum Bredius is van 11 oktober 2011 tot en met 15 januari 2012 de tentoonstelling Tall and Small te bezoeken. Nederlands antiek miniatuurzilver is dan voor eerst te zien naast de grote zilveren voorwerpen waarnaar ze zijn vormgegeven. Honderden miniaturen, afkomstig uit de collectie van Museum Bredius en de Haagse antiquair juwelier A. Aardewerk worden aangevuld met bruiklenen uit internationale particuliere collecties.

De ruim 80 stuks miniatuur zilver die deel uit maken van de collectie Bredius vormden de aanleiding voor deze tentoonstelling. Miniatuurzilver kwam in Nederland in de tweede helft van de 17e eeuw in zwang. Welgestelde dames, voornamelijk in Amsterdam, richtten een heel kabinet in als poppenhuis wat vervolgens werd voorzien van een miniatuurzilveren huisraad. Een kostbare hobby, de miniaturen werden van hetzelfde materiaal vervaardigd als de munten uit die tijd. Het poppenhuis werd een statussymbool. In de 18e eeuw was dit een grote rage. De vraag naar miniatuurzilver was in Amsterdam zo groot dat zilversmeden zich van generatie op generatie konden specialiseren in het maken van dit “poppegoet” zoals het miniatuurzilver in die tijd werd aangeduid.

Naast interieurstukken zijn ook verschillende beroepen, sporten en transportmiddelen in miniatuur zilver tentoongesteld. Enkele zeer zeldzame exemplaren zijn een zonnewijzer, een hemelbed, een biljarttafel en zelfs een draaimolen.

Meesters en Molens. Van Rembrandt tot Mondriaan

2007: Meesters en Molens. Van Rembrandt tot Mondriaan
Organisatie: Charles Dumas, John Hoogsteder en Jim van der Meer Mohr
Catalogus: Charles Dumas en Leo Endedijk, met medewerking van Leo van der Drift en Theo Laurentius

Hofvijver in Poëzie & Beeld

2002: Hofvijver in Poëzie & Beeld (ook in Kunstpassage in Rijksmonument en Haags Historisch Museum)
Organisatie: Charles Dumas, Hermance Schaepman, Nicole Hermans e.a.
Catalogus: Hermance Schaepman, Willy van den Bussche en Aernout Help; onder redactie van Charles Dumas

Rembrandt op papier

1999: Rembrandt op papier
Organisatie: Theo Laurentius en Jim van der Meer Mohr

Pagina's:12»